Leigh Richmond Roose: Yr Ercwlff Synfawr Hwn

Vorig jaar beloofde ik in mijn stuk over Willie Angus ieder jaar op 11 november (Armistice Day) met een verhaal over voetbal en WO I te komen. Belofte maakt schuld, vandaar vandaag een stuk over Leigh Richmond Roose, een van de meest extravagante voetballers die er ooit heeft rondgelopen in het Engelse voetbal. De fratsen van Mario Balotelli zijn kinderspel vergeleken met wat Roose allemaal uithaalde, zeker als je het in die tijd deed. Overigens was Roose niet alleen een opvallend figuur, maar ook een uitstekende keeper. Helaas eindigde zijn leven in 1916, zoals zoveel landgenoten, in de modder van Frankrijk. Nooit werd er meer iets van hem teruggevonden.

Op 27 november 1877 werd Leigh Richmond Roose geboren in Wales. Roose was de zoon van een vooraanstaande dominee die Richmond Leigh Roose heette. Waarschijnlijk mocht die van zijn vrouw zijn zoon niet exact dezelfde naam geven en kwam dit compromis eruit. De Rooses hadden het goed thuis en zowel Leigh als zijn broer Edward gingen studeren. Daar ontdekten ze het voetbal. Tijdens een van de vele wedstrijden tussen de leerlingen en de leraren van de Holt Academy schopte Edward leraar H.G. Wells (een van de grootste Engelse schrijvers en de vader van Science Fiction, schreef o.a. War of the Worlds) zo hard in zijn nieren, dat de schrijver er de rest van zijn leven last van zou houden.

Tijdens die voetbalwedstrijden kwam Leigh er achter dat hij aardig kon keepen en toen hij naar de universiteit van Aberystwyth ging, meldde hij zich meteen aan bij de plaatselijke club. Ondanks dat Roose slechts achttien was, veroverde hij meteen een plaats onder de lat. Roose was erg groot en kon die harde overtredingen van de aanvallers van de tegenpartij goed hebben. Hij kon goed incasseren, maar ook stevig uitdelen. Aanvallers waren bang om tegenover hem te staan. Er kwamen scouts van verschillende Engelse topclubs kijken, maar Roose wilde eerst zijn studie in Aberystwyth afmaken. In 1899 studeerde hij dan af in de richting medicijnen. Roose specialisme was bacteriologie.

Hij bleef nog een jaar bij Aberystwyth spelen en in 1900 won die club hun eerste (en tot op de dag van vandaag laatste) prijs: de Welsh Cup. Roose keepte geweldig tegen topclub Druids en Aberystwyth won met 3-0. Na afloop werd Roose op de schouders van zijn ploeggenoten getild en kreeg een ereronde. De Welshe historicus Thomas Richards was getuige van deze wedstrijd en noemde Roose “Yr Ercwlff Synfawr Hwn” oftewel “Deze Wonderbaarlijke Hercules”. Spelend voor het kleine Aberystwyth Town werd hij gekozen in het nationale elftal. Het was tegen de Ieren en Wales won met 2-0, maar daarover ging het niet in de kranten. Het ging over Roose, die keihard was ingekomen op de Ierse aanvaller O’Reilly, die door de botsing zijn bewustzijn verloor. Roose had naam gemaakt.

De keeper kon overal naartoe, maar koos voor een baan als dokter in Londen en ondertussen ging hij spelen voor de amateurclub London Welsh. Eeuwig zonde natuurlijk en gelukkig haalde Stoke City hem over om voor hen te komen spelen. Roose stond er echter op geen full-prof te worden, want hij wilde dokter in Londen blijven. Hij kreeg geen cent, maar mocht wel zijn onkosten declareren en dat deed Roose dan ook volop. Zo miste hij ooit zijn trein vanuit Londen naar Birmingham (Stoke speelde tegen Aston Villa) en Roose besloot een trein te huren. Die bracht hem naar Birmingham. De rekening, waar een paard de hik van zou krijgen, ging naar Stoke City die zich kapot schrokken.

Maar hij maakte het allemaal goed door uitstekend te keeper. Stoke was ieder jaar dé degradatiekandidaat, maar dankzij Roose bleven ze er keer op keer in. In 147 wedstrijden voor Stoke in vijf seizoenen, hield hij veertig keer de nul. In een tijd waarin ontzettend vaak werd gescoord en waarin de verdediging van Stoke op z’n zachts gezegd vrij matig was, een wereldprestatie. Roose speelde van 1901 tot en met 1907 voor The Potters, met uitzondering van de tweede helft van 1904/1905 toen hij voor Everton uitkwam. Ook daar deed hij het geweldig, maar de ploeg kon hem niet behouden.

In die jaren was Roose ook naast het veld een bezienswaardigheid. Niet alleen door zijn grote postuur, maar ook doordat hij zich in de elitekringen van Londen begaf. Roose was vrijgezel en regelmatig nam hij vrouwen mee naar zijn chique optrekje in hartje Londen. Roose zag er goed uit, was extravert en hield van alle glitter en glamour. In 1905 werd hij door de Daily Mail uitgeroepen tot een-na-aantrekkelijkste vrijgezel van Londen. Alleen cricketer Jack Hobbs was nóg populairder. Dezelfde Daily Mail schreef een artikel over het elftal dat de aarde zou moeten afvaardigen als onze planeet tegen een andere planeet zou moeten spelen. Keeper van dat team was uiteraard Leigh Richmond Roose.

Niet alleen voor Stoke verrichtte Roose wonderen, ook voor zijn land deed hij het erg goed. In die jaren werden er alleen interlands gespeeld tussen Engeland, Schotland, Ierland en Wales. Die laatste twee landen waren een beetje het lachertje, totdat Wales in 1907 voor het eerst de British Championship won. Een van de grote inspiratoren van dat team was Roose, die geweldig keepte. In totaal zou hij 24 interlands spelen, voor die tijd een erg hoog aantal aangezien er maar drie wedstrijden per jaar werden gespeeld. Buiten geweldige wedstrijden, maakte Roose ook een enorme flater tijdens een van zijn interlands. Wales speelde tegen Schotland en Roose zag een mooi meisje op de tribune zitten. Hij knoopte een gesprekje met haar aan, niet wetende dat Schotland de bal had veroverde. Overbodig om te zeggen dat Roose te laat was, toen zijn teamgenoten naar hem schreeuwden dat de bal eraan kwam.

Het was niet de enige keer dat Roose meer met het publiek bezig was, dan met de wedstrijd. Wat dat betreft was Roose misschien de eerste ultra. Roose haalde vaak rare capriolen uit om het publiek te vermaken. Zo deed hij gymnastiekoefeningen met behulp van de lat, als de bal aan de andere kant van het veld was. Vooral de lat vastpakken en dan zich optrekken en met zijn voeten tegen lat aankomen was een favoriet van hem. Ook was Roose veel bezig met zijn uiterlijk. Hij zorgde altijd dat hij flink wat brylcreem in zijn haren had en speelde met witte handschoenen en dat in een tijd waarin geen enkele keeper handschoenen aanhad. Het maakte van Roose een opvallende figuur.

In 1907 besloot Roose nog wat verder naar het noorden te trekken. Sunderland, de rijkste club van Engeland op dat moment, trok hem aan. Roose bleef amateur, hoewel hij ook in het hoge noorden flink wat mocht declareren. Ook bij Sunderland groeide hij uit tot een legende. Zijn excentrieke gedrag en zijn geweldige reddingen, maakte van Roose een publiekslieveling. Als Roose in een koets door de stad ging, liepen alle kinderen achter hem aan. Ook bij de vrouwen van Sunderland was Roose een graag geziene figuur. Altijd zag hij er piekfijn uit, mede door de pakken die hij op kosten van Sunderland in de chicste winkels van Londen kocht.

Behalve excentriek, kon Roose ook ontzettend driftig zijn. Zo had een van de bestuursleden van Sunderland kritiek op hem. Hij bleef maar doorgaan, totdat er kortsluiting ontstond in het hoofd van Roose. Hij sloeg de bobo het ziekenhuis in en werd voor twee weken geschorst door de FA vanwege ‘onbehoorlijk gedrag’. In 1910, Roose was 32, brak de keeper voor de tweede maal in zijn carrière zijn pols. Ditmaal zo hevig, dat het erop leek dat hij nooit meer zou spelen. Sunderland liet hem daarop gaan en voor Roose begon daarna een ontdekkingsreis langs verschillende clubs.

De eerste club die hem in dienst nam was Port Vale, uitgerekend de stadsgenoot van Stoke City. De wedstrijd was de beslissende voor de titel in de North Staffordshire and District League. Port Vale nam het op tegen de reserves van Stoke City. Beide teams konden de titel nog pakken en maar liefst 7000 man kwamen naar de Victoria Ground, voornamelijk om hun held Roose te zien. Die trad aan in zijn oude tenue van Stoke. “Die titel is wel veilig”,  dachten de fans van Stoke. Maar Roose keepte een wereldpot en begon extreem te showen. Ballen werden gestopt met mooie zweefduiken, met een hakje en met enorme nonchalance. Port Vale won de wedstrijd en werd kampioen. De fans van Stoke waren zo woedend op Roose, dat ze hem optilden en in de Trent wilden gooien. Dankzij de interventie van de politie werd dat voorkomen. Roose gaf na de wedstrijd aan dat hij dacht dat het een vriendschappelijk wedstrijd was en dat hij niet wist dat het om een titel ging.

Daarna vertrok hij naar Celtic. Ook voor The Bhoys speelde hij maar één wedstrijd. Celtic had namelijk een keepersprobleem aan de vooravond van de halve finale van de Scottish Cup en Roose was de oplossing. Celtic verloor die wedstrijd met 1-3, maar daar had niemand het over. Het ging namelijk alleen maar over Roose, die na een wereldgoal van een speler van Clyde, zijn handschoenen had uitgetrokken en hem had gefeliciteerd met zijn doelpunt. Na Celtic speelde Roose nog voor Huddersfield, Aston Villa en Arsenal om in 1912 te stoppen. Nadien speelde hij zo nu en dan nog voor Aberystwyth Town, als hij toevallig in de stad was. Voor de rest hing hij vooral de playboy uit in Londen.

In 1914 brak WO I uit en Roose besloot zich aan te melden bij het leger. Hij werd hospik. Dat bleef hij tot 1916, toen hij daadwerkelijk soldaat werd.  Vanwege zijn uitstekend worpkracht, werd Roose een granatengooier. Al snel ontving Roose een eremedaille, vanwege ‘ongekende moed die hij had getoond in de strijd’. Roose overleefde zelfs de eerste maanden van de Slag om de Somme, waarbij vooral op 1 juni ongekende verliezen werden geleden door de Britten. Maar ook Roose, die vanwege zijn atletische vermogen vaak aan de dood ontsnapte, zou de oorlog niet overleven.

Aan het einde van de Slag om de Somme, waarbij in totaal 623.907 Britten zouden sterven, was ook het geluk voor Yr Ercwlff Synfawr Hwn over. Tijdens een zelfmoordaanval van de Britten stierf Roose, kapotgeschoten in niemandsland. Er werd nooit meer iets van hem teruggevonden doordat er continue hevige bombardementen waren, die de lijken aan flarden scheurden, de aarde omwoelden en de resten van de soldaten in de modder liet verdwijnen. Lange tijd was alleen zijn, verkeerde gespelde (Corporal Rouse ipv Roose), naam op het monument van vermiste soldaten bij Thiepval nog van over van deze keeper, playboy en entertainer. Gelukkig is er nu ook een plakkaat op het stadion van Wrexham geplaatst ter ere van hem.

4 Reacties op “Leigh Richmond Roose: Yr Ercwlff Synfawr Hwn

  1. Zelfmoordaanslag? Ik dacht dat dit een modern fenomeen was eerder dan iets dat al gebruikt werd 100 jaar geleden. Wereldoorlog I was in die zin eenvoudiger te vertellen dan wat nadien volgde omdat het nog een relatief primitieve oorlog was: loopgraven, granaten, geweren, … In feite relatief eenvoudig vergeleken met wereldoorlog II toen er ook onderzeeërs werden ingezet, een atoombom, … En al helemaal niet te vergelijken met oorlogen nu waar zelfmoordcommando’s als het ware onherkenbare levende bommen zijn, drones, raketten die een doelwit op 3000 km vrij precies kunnen raken, … Wereldoorlog I had weinig van die moderniteiten en was nog echt een veldoorlog. Geen idee dat men toen al aan zelfmoordoperaties deed.

    Ben overigens benieuwd hoe lang men het herdenken van die dingen nog in stand gaat houden. Ik weet het, het mag nooit ofte nimmer vergeten worden, nooit. Maar anderzijds heb ik het moeilijk met het idee dat iemand die geweld als methode gebruikte als held verheerlijkt wordt. Ik ben overtuigd pacifist en tegen eender welke vorm van militair ingrijpen. Je kan iemand die het leger in trekt moedig vinden omdat hij zijn land wil beschermen, maar ergens heb ik een soort gevoel dat geweld verheerlijkt wordt in zulke gevallen.

    “The fastest way to end a war, is to lose it”

  2. Ik vind het mooi dat op het eiland de herinnering blijft aan WOI en WOII, Hier in België weten vele van mijn leeftijdsgenoten niet eens wanneer WOI begon en wat nu de slag aan de Somme was. Bij de jeugd zal het al helemaal een ramp zijn.

    Beschamend is dat het monument voor de gesneuvelden Achter De Kazerne gewoon achter een wc container staat.

    Elke jongere hier zou verplicht naar Breendonk moeten gaan, niet om Duvel te proeven maar om het Fort te bezoeken.

    Zoals het gisteren in Ieper klonk

    They shall grow not old, as we that are left grow old.
    Age shall not weary them, nor the years condemn.
    At the going down of the sun and in the morning,
    We will remember them.

    • Ik heb in alle eerlijkheid een vreemd gevoel als ik iedereen met die bloempjes zie rondlopen en zie dat er bussen Britse kinderen verplicht massagraven en oorlogssites moeten bezoeken als schoolreis. Het komt een beetje onspontaan over. Uiteindelijk heeft iedereen die interesse in het thema toont, zijn eigen manier om gebeurtenissen te herdenken, en wie interesse heeft zal spontaan die sites bezoeken. Ik vrees dat het plichtsmatige aspect een tegendraads effect heeft. Iemand die niet weet wanneer de oorlog startte of waar gestreden werd, is gewoon iemand die geen interesse in dit onderwerp toont. Die persoon dan verplicht op schoolreis sturen zal een tegendraads effect hebben in vele gevallen. Uiteraard mogen we de oorlogen nooit vergeten en is dit verplicht voer in geschiedenislessen. Maar ik denk dat daar de taak van een school eindigt, en de rest dient overgelaten worden aan spontane trips van zij die oprecht interesse tonen. Als ik nu zie dat de IJzerwake (een fascistische extreemrechtse bijeenkomst) 5x meer volk lokt dan de IJzerbedevaart, … dat kan toch niet de bedoeling zijn?!

      En België moet ook eens van de dubbele moraal af en durven ook haar eigen geschiedenis’ zwarte bladzijdes te herinneren. Onder het schrikbewind van Leopold II (die mag in 1 lijn met Hitler, Pol Pot en consorten staan) zijn er naar schatting 10 miljoen Congolezen omgekomen nadat ze als slaaf werden misbruikt. Als er 1 iets is dat verplicht zou mogen worden, is het een jaarlijkse bijdrage van België aan Congo om het land te helpen opbouwen (en in feite is dat nog te weinig om een genocide ooit te kunnen vergeven)

    • En wat zeker ook verplicht voer mag zijn in die geschiedenislessen is dat het misschien tijd wordt om het clichebeeld van Duitsland en het eeuwige associëren met Hitler te stoppen. Het verleden vergeten mag niet, het laten rusten lijkt me echter wel aangewezen op een bepaald moment. Het hedendaagse Duitsland heeft niets meer te maken met het derde rijk (bewust met kleine letters geschreven) net zoals de Amerikanen van nu geen eeuwige dankbaarheid hoeven te krijgen voor hun rol in het bevrijden van Europa 70 jaar geleden (waar de Canadezen, Britten en Russen trouwens minstens evenveel verdienste aan hebben als de VS troepen)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s