Enfield Town: The First Fan Owned Club

Vergeet FC United of Manchester. Vergeet AFC Liverpool. Vergeet zelfs AFC Wimbledon. De eerste fan owned club in Engeland was namelijk Enfield Town. Met lede ogen moesten de fans toekijken hoe Enfield FC kapot werd gemaakt door een hebberige eigenaar. Het stadion van de club was verkocht in 1999 en daardoor speelde de club niet eens meer in Enfield zelf. Genoeg is genoeg, dachten de fans van de club en in 2001 werd Enfield Town opgericht. Een eigen club, met als doel terugkeren naar Enfield. Op 26 november is het dan zover: Enfield Town zal het dan opnemen tegen Soham Town Rangers. Plaats van handeling is het Queen Elisabeth II Stadium. In Enfield. Na meer dan tien jaar rondzwerven is de club eindelijk daar waar ze wil zijn.

Wie tegenwoordig Enfield zegt, denkt in de eerste plaats aan zangeressen. Zowel wijlen Amy Winehouse als Adele komen uit deze Noord-Londense borough. Toch was het ooit een voetbalbolwerk. Niet dat er veel bekende voetballers vandaan komen, Michael Duberry is de bekendste, maar Enfield FC was ooit een van de grootste non-league clubs van het land. Sowieso had Noord-Londen met Enfield, Barnet en Hendon drie ijzersterke clubs, waartegen weinig profclubs graag uitkwamen in de FA Cup. De derby’s tussen de drie clubs zorgden er altijd voor dat er duizenden mensen naar de stadions kwamen. Helaas is dit al lang verleden tijd. Barnet is uiteindelijk gepromoveerd naar de Football League, Hendon is stadionloos aan het ronddolen in Noord-Londen en Enfield is zelfs helemaal verdwenen.

Eeuwig zonde, want Enfield FC was een grote naam. Voor 1960 stelde de club eigenlijk niet zoveel voor. Het was een van de vele amateurclubs in Londen. In de wijk Enfield was iedereen voor Spurs of Arsenal. Het enige imponerende aan Enfield was de hoofdtribune van het stadion aan Southbury Road. Alles veranderde toen Thomas Lawrence manager werd. Onder zijn leiding promoveerden The E’s naar de Isthmian League (destijds een divisie net onder de Football League) en lieten zich daar meteen gelden. Die competitie werd in totaal zeven keer gewonnen en daarnaast haalde de club viermaal de finale van de FA Amateur Cup, een heel prestigieuze prijs waarvoor Wembley zich regelmatig vulde met 100.000. Tweemaal won Enfield die beker. Enfield gaf zich regelmatig op voor de elections, maar werd nooit in de Football League gekozen. Het Old Boys Network was te sterk.

In 1979 werd de Conference in het leven geroepen en twee jaar later behoorde Enfield bij de twee eerste clubs uit de Isthmian League die daar naartoe promoveerden. In 1982 werden ze meteen tweede en een jaar later werd de Conference zelfs gewonnen door The E’s. Enfield deed ook pogingen om in de Football League gekozen te worden, maar voor een non-leagueclub was het bijna onmogelijk om gekozen te worden. De clubs uit de Football League kozen bijna altijd hun eigen clubs. Pas in 1987 besloot de FA dat het genoeg was en promoveerde de kampioen van de Conference rechtstreeks. Net één jaartje te laat voor Enfield, want die werden in 1986 kampioen. De jaren tachtig waren geweldige jaren voor Enfield, want de FA Trophy – de opvolger van de FA Amateur Cup – werd in zowel 1982 als 1988 gewonnen.

Daarna ging het minder. Enfield werd een middenmotor en in 1990 degradeerde de club ineens. Enfield zat weer in de Isthmian League. Financieel ging het ondertussen niet best en dat trekt dubieuze zakenmannen aan. Die van Enfield heette Tony Lazarou. In 1995 werd Enfield kampioen van de Isthmian League, maar de Conference weigerde de club vanwege het feit dat ze de financiële situatie van de club niet helemaal vertrouwden. Een jaar later haalde Lazarou de rugbyclub Saracens naar Southbury Road. Het stadion van Enfield zou voortaan gedeeltelijk een rugbystadion worden en dat was goed voor de club, volgens Lazarou. Er werd een oude terrace plat gegooid en er verrees een tijdelijke tribune, zodat Saracens aan het aantal zitplaatsen kon voldoen, dat verplicht was gesteld.

Na een jaar had Saracens het wel gezien in Enfield. Ze besloten te gaan groundsharen met Watford en de tijdelijke tribune verdween. Hierdoor was Southbury Road in feite niet meer dan de eenzame hoofdtribune. Enfield zou niet eens mogen promoveren naar de Conference, omdat het stadion niet meer voldeed. Lazarou beloofde orde op zaken te stellen. Hij verkocht het stadion aan een projectontwikkelaar en zette de 750.000 pond die ermee verdiend was op een rekening die bedoeld was voor de bouw van een nieuw stadion. Enfield had namelijk geen stadion meer en zwierf rond in Londen en omgeving en speelde “thuiswedstrijden” in de stadions van Ware, St. Albans en Boreham Wood. Allemaal niet binnen de grenzen van Enfield.

De fans wilden maar één ding en dat was terugkeren naar Enfield en besloten een Trust op te zetten. Destijds heel ongebruikelijk in Engeland. Ze onderhandelden met Lazarou over de overname van de club, maar die stelde het keer op keer uit. Later werd duidelijk waarom, want hij wilde de 750.000 hebben. Het lukte hem in 2001 om het geld uit het fonds te halen en over te sluizen naar zijn eigen bankrekening. Voor de fans was nu duidelijk dat er onder Lazarou geen terugkeer naar Enfield mogelijk was en dat hij de club maar wat liet rondzwerven, totdat ze kapot zouden gaan. Uiteindelijk heeft Enfield het nog langer volgehouden dan verwacht, want pas in 2007 werd de club daadwerkelijk failliet verklaard. Vernietigd door een graaier die via de club zijn zakken flink heeft gevuld.

De meeste fans waren toen al lang vertrokken. In 2001 vonden ze het namelijk wel genoeg en besloten ze een eigen club op te richten: Enfield Town. Een echte club van de fans met het principe: één lid is één stem. Een principe dat de afgelopen jaren door verschillende clubs, zoals AFC Wimbledon en FC United of Manchester, is overgenomen. Een van die fans die voor het oprichten van een eigen club stemde, is Barry. Hij heeft een eigen blog over Enfield Town: The Cold End. Hij praat me bij over de club, het nieuwe stadion en de verhoudingen met Enfield 1893, de doorstart van het oude Enfield FC. Sinds 1987 is hij fan van de club, dus hij heeft alle slechte jaren en de afsplitsing meegemaakt.

Terug naar 23 juni 2001. De Trust van Enfield had een vergadering belegd met als hoofdonderwerp “Hoe nu verder?”. Het was duidelijk dat Lazarou alleen maar het geld wilde hebben en totaal geen interesse had in de club zelf. De fans vonden dat ze wat moesten doen. Barry: “Uiteindelijk kwam het tot een stemming of we ons moesten afsplitsen en een nieuwe clubs moesten oprichten. Er waren 297 mensen aanwezig en de overgrote meerderheid stemde voor het oprichten van een nieuwe club. 263 waren voor en 34 mensen tegen. Het was een ontzettend zware beslissing, want we hielden natuurlijk allemaal zielsveel van Enfield. We stonden met de rug tegen de muur, want met Lazarou aan de macht konden we niet verder.”

Na die stemming werd Enfield Town opgericht, een nieuwe club die naast Enfield zou bestaan. Omdat er geen geschikt stadion in de borough Enfield was, werd er voor gekozen om te groundsharen met Brimsdown Rovers. Verder werd besloten dat de nieuwe club niet in handen van een sterke man zou komen, maar dat Enfield Town eigendom van de fans werd. Barry: “We hadden slechte ervaringen met een zakenman als eigenaar, dus kozen we ervoor om fan owned te worden. De club is daarom in handen van de “Enfield Town Supporter’s Society” waarvan je lid kunt worden voor tien pond per jaar. Die tien pond geeft je stemrecht. Dit systeem bevalt ons erg goed en we willen dit altijd zo houden, ook al komt er een rijke zakenman langs.”

Komende zaterdag speelt Enfield Town, iets meer dan tien jaar na de oprichting, weer in Enfield. Het doel is bereikt. Het Queen Elisabeth II Stadium, in de volksmond Donkey Lane geheten, ligt op een steenworp afstand van het oude Southbury Road en is gereed gemaakt voor voetbal. Enige minpuntje is dat er een atletiekbaan ligt, maar daar maalt geen fan om. Eindelijk weer thuis, dát is wat telt. Barry: “Het is een enorme opluchting voor ons dat we eindelijk weer in Enfield spelen en dan ook nog eens zo dicht bij ons spirituele thuis, waar nu huizen overheen zijn gebouwd. We hebben de tribunes binnen de atletiekbaan gebouwd, zodat je als fan ook dicht op het spel zit.”

Donkey Lane lag er lange tijd verlaten bij, maar toen de mogelijkheid zich aandiende om het om te bouwen voor een voetbalclub, hadden zowel Enfield Town als Enfield 1893 interesse. Enfield Town won de strijd. Barry: “Donkey Lane was flink vervallen, dus het was onmogelijk om er in 2001, toen Enfield Town werd opgericht, te gaan voetballen. Nu het klaar is gaat het stadion ons nieuwe thuis worden. Het zal niet alleen het stadion voor het eerste team worden, maar ook het vrouwenteam, de jeugd en de reserves zullen er spelen. Verder zal het gebruikt worden door een lokale atletiekclub en mag de lokale school ook gebruik maken van de faciliteiten. Met het nieuwe stadion wil de club het hart van vormen van de gemeenschap. We hopen ook dat we, nu het stadion af is, sportief ook vooruit kunnen kijken.”

Nu Enfield Town eindelijk in Enfield speelt, hoopt de club meer fans naar het stadion te lokken. Ondanks het rijke verleden, is de club nooit echt een publiekstrekker geweest volgens Barry: “Ik hoop dat onze verhuis naar Donkey Lane ervoor gaat zorgen dat we meer toeschouwers gaan trekken. Dit seizoen speelden we in Cheshunt en gemiddeld kwamen er zo’n 200 man op de wedstrijden af. In onze gloriedagen was dat natuurlijk veel meer, hoewel het door de concurrentie met onze Noord-Londense buren Arsenal en Tottenham ook geen gigantische aantallen waren. Ik schat dat er toen gemiddeld 700 à 800 man kwam. Voor derby’s lukte het wel om meer dan 1000 mensen te trekken en voor de grote FA Cup wedstrijden kwamen we over de 2000 heen.”

Aangezien Enfield 1893 niet in Enfield speelt, maar dat wel heel graag wilde, vraag ik me af of er een mogelijkheid is dat ze in de toekomst misschien komen groundsharen met Enfield Town. Er zijn in het verleden gesprekken geweest vanuit de kant van Enfield Town om te fuseren, maar die zijn altijd afgewezen door Enfield 1893. Volgens Barry zit een fusie of een groundshare er voorlopig dan ook niet in: “Enfield 1893 is gefuseerd met Brimsdown Rovers, waar wij tot afgelopen zomer hebben gespeeld. Het stadion van Brimsdown, Goldsdown Road, is nu dus het stadion van Enfield 1893, dus voor hen is er geen noodzaak om een stadion te zoeken en voor ons helemaal niet.”

Na de stemming in 2001, zijn er een aantal mensen achtergebleven. Nog altijd trekt Enfield 1893 ongeveer een honderdtal fans. Afgelopen seizoen werd de club zelfs kampioen. Doordat het stadion niet voldeed aan de eisen, saillant genoeg omdat Enfield Town de tijdelijke tribunes had meegenomen naar het nieuwe stadion, mocht Enfield 1893 niet promoveren. Jammer, want anders was er een heuse Enfield derby geweest dit seizoen. Ook Barry vindt het jammer dat die niet is doorgegaan: “Ik denk dat de twee wedstrijden tussen onze clubs behoorlijk wat fans op de been had gebracht en dat is alleen maar goed voor beide clubs en de competitie.”

Barry zegt zelf absoluut geen hekel te hebben aan Enfield 1893 en vindt het jammer dat de derby dit jaar niet gespeeld gaat worden: “Er is momenteel niet echt rivaliteit tussen beide clubs. Ik heb ook totaal geen hekel aan de club. Figuren als Lazarou zijn allang verdwenen en hebben niets meer te maken met Enfield 1893. Maar misschien dat er wat rivaliteit gaat komen als we een officiële wedstrijd tegen elkaar gaan spelen. Het is jammer dat ze niet mochten promoveren doordat het stadion niet voldeed. Ik zie niet graag dat clubs op basis van regels promotie wordt geweigerd, maar aan de andere kant zijn de regels er niet voor niets”

Een Reactie op “Enfield Town: The First Fan Owned Club

  1. Een club in handen van een enkele persoon is altijd riskant. Talloze voorbeelden waar de club dan van de top plots ten onder gaat in sneltempo als de geldkraan door die ene messias wordt dichtgedraaid.

    Echter, fan owned vind ik evenzeer riskant. Dat is een beetje de voetbal variant van democratie: mooi op papier, minder eenvoudig in realiteit. Wat als er binnen die fans plots een conflict of ernstig meningsverschil komt? Het principe van “1 fan = 1 stem” laat dan fans in de kou staan en wat gebeurt dan? Nog een nieuwe club? Ik ben niet zo voor die fan owned initiatieven, evenmin voor een club in handen van 1 geldschieter. De gulden middenweg van een bestuursraad is nog altijd de minst slechte oplossing, evenmin waterdicht maar het lijkt me een stuk veiliger dan alles in de handen van de fans of in de ene hand van een geldschieter. Het ideale is in feite dat de club door de lokale overheid bestuurd wordt, dan heb je gegarandeerd (of toch een hoge kans daarop) dat de club in het teken van de community staat en niet in het teken van commercie. Gezien dit in dit tijdperk maar weinig voorkomt, is een bestuursraad IMO de oplossing met de minste valkuilen. Natuurlijk kan je een fan owned club als een gigantische bestuursraad aanzien, maar het probleem is dat een té omvangrijke bestuursraad evenmin efficiënt werkt. Het is mooi in theorie, maar ik ben sceptisch over de slaagkansen in realiteit. Ideaal is overheids-inmenging, van de realistische opties ben ik nog altijd het meest te vinden voor een qua aantal beperkte raad van bestuur, met een gezonde mix van financiëel beheerervaring en ex-voetballers die het spel dan weer goed doorzien.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s